Klagen

Ondanks mooie woorden laat het kabinet de publieke omroep in de kou staan. Dat betoog van Shula Rijxman stond vandaag in het AD gepubliceerd. Rijxman, bestuursvoorzitter van de stichting NPO, is het dus beu. Enkele passages uit haar betoog vielen me op. De link die bijvoorbeeld door haar wordt gelegd met commerciële mediareus De Mol. Enerzijds schrijft ze niet te willen en kunnen concurreren met de bedragen welke aldaar over tafel gaan, anderzijds benoemd ze dat het nog altijd de publieken zijn die volgens haar de eredivisie van tv en radio domineren.

Ik zoek nog altijd naar de relevantie van dit vergelijk. In het echte voetbal trekt de eredivisie namelijk substantieel meer bezoekers en sponsoren naar de stadions dan z’n kleinere broertje waar steeds meer zogenoemde beloftenteams voor spek en bonen de voetbalwei in worden gestuurd. Als je dan zegt die eredivisie te domineren, hoef je toch ook geen hogere salarissen uit te keren? En ook in het voetbal verlaten de sterren van de hoogste nationale divisie vaker hun vertrouwde nest om in verre overzeese competities nog snel wat extra pensioen te cashen. Denk maar eens aan Gerrard, Beckham, Henry, Pirlo, Pelé en Beckenbauer.

Natuurlijk refereert Rijxman in haar stuk ook weer aan de terugloop van reclame-inkomsten die bij de NPO worden geraamd op zo’n zestig miljoen euro (u leest het goed ja). Dat vind ik dan vreemd. Vreemd omdat er wordt beweerd dat er eredivisie wordt gespeeld en de waardering en kijkcijfers zeer naar tevredenheid zijn. Naar mijn bescheiden mening heb je dan een fantastische mooie propositie en gaat er ergens anders iets goed mis.

Grondig ben ik het met Rijxman eens dat een sterke publieke omroep onmisbaar is voor een vitale democratie. Ook deel ik haar zorgen over dat de minister roept dat er weliswaar taakstellingen in het regeerakkoord staan, maar dat de zak geld om deze uit te voeren ontbreekt. Van de andere kant: dit kabinet begint nu pas uit de startblokken te komen.

Wat ik echter enorm betreur van de NPO-eindbaas is dat zij enkel rept over de 1e laag uit het publieke omroepbestel; haar eigen NPO. Van een voorganger van onafhankelijke journalistiek zou ook aandacht mogen worden verwacht voor de regionale en lokale laag. De regionale en lokale omroepen dus. Dat deze niet door haar worden benoemd, begrijp ik echter wel weer. Kijkende naar de cijfers is zij er bij gebaat dat dit een blinde vlek blijft bij de dames en heren van het ministerie van OCW. Wat die cijfers laten zien? Nou, dat van alle overheidsbekostiging inzake het publieke omroepbestel een hele pietepeuterige 1% naar de lokale omroepen gaat, 17,1% naar de dertien regionale zenders en maar liefst 81,9% naar de club van Rijxman. Wie heeft er dus echt met recht te klagen?

Omroepblog 8

Stemmen

Op 21 maart mag er weer gestemd worden. Net als muzikanten hun instrumenten stemmen, zal dan de samenstelling van de gemeenteraad weer op gewenste toonhoogte worden gebracht. Maar welke toonhoogte is dat dan? Wat staat er in de partijprogramma’s en wat vinden de stemgerechtigden daarvan? Hééft iedere partij wel een programma of standpunten? En zijn die ook in lijn met de kaarten die de partijen de afgelopen regeerperiode hebben gespeeld? Wat wordt er beloofd en wat wordt daarvan geloofd; dat zal heel veel gaan bepalen op 21 maart.

Wat wordt de stemming dus. Hoe niet welluidend wordt de gemeenteraad van nu bevonden en wat wordt daar het antwoord op dat in de stembus verdwijnt? Is het slechts een minieme dissonantie die gecorrigeerd gaat worden of worden hele muziekinstrumenten uitgewisseld? Gaan dezelfde partijen aan de formatietafel om een coalitie te vormen of neemt de oppositie de oversteek naar het domein van coalitiepartner? Misschien wel met én dankzij de kabelbaan die tot een metaforisch symbool is verheven voor alles wat niet goed heeft uitgepakt in de gemeente Venlo. Bij verkiezingen gaat het om de toekomst, maar tegelijkertijd staat de uitslag voor velen gelijk aan het geven van een cijfer over de afgelopen vier jaren. Wat gaat overheersen; de in het verleden behaalde resultaten of de toekomstvisies?

Zorgen zijn er bijvoorbeeld over de zorg, maar ook over het functioneren van het gemeentebestuur en de gemeenteraad zélf. Uit recent onderzoek van Omroep Venlo en enkele collega-omroepen bleek dat Venlose raadsleden minder positief zijn dan hun collega’s in de andere onderzochte steden. Zo worden veel thematieken te complex bevonden, de rol van het college als te dominant ervaren en is er sprake van veel verbale agressie of bedreigingen, vooral via social media. Welke invloed gaat dit hebben op het gedrag van (aspirant) raadsleden en hoe pikt het (nieuwe) college dit op?

Ongeacht wat de winnende en verliezende partijen gaan worden; binnen de gevestigde orde vinden veel mutaties plaats. Oudgedienden maken plaats voor vers bloed. Het is daarbij hopen dat de partijen er in slagen om dossierkennis vast te houden en tegelijkertijd ruimte geven aan nieuw elan. Het zou immers een gemiste kans zijn om nieuwe frisse zienswijzen meteen al met het badwater door het putje van het vermeende Joods badhuis weg te gooien.

De negen partijen die in de gemeente Venlo met elkaar de strijd aangaan, zullen volop podium krijgen bij Omroep Venlo. In aanloop naar de verkiezingen komt Omroep Venlo met een tv-serie rondom de verkiezingen, een groot tv-debat en zal er ook in de zaterdagprogrammering op ons radio-kanaal veel aandacht zijn voor de verkiezingen. Over hoe en wanneer gaan wij nog uitgebreid berichten. In ieder geval is het stemrecht een feest van de democratie; vier dat feest dan ook! Het is nog even onduidelijk of er straks windturbines zijn om al dan niet rekening mee te houden, maar ga allen in draf naar die stembus op 21 maart. Al is het maar als laatste voorbereiding op de Venloop die enkele dagen later plaatsvindt.

Omroepblog 7

Plofkip

Vanochtend opende het regiokatern van De Limburger met een artikel over de streekomroep. Daar wil ik graag een paar dingetjes over roepen. Bijvoorbeeld over de zin in het artikel die zegt dat er een streekomroep moet komen omdat het besef doordringt dat lokale omroepen in hun eentje nauwelijks kunnen overleven. Dat is pertinent niét de reden om tot streekvorming over te gaan. Het achterliggende verhaal gaat er namelijk over dat steeds meer overheidstaken vanuit politiek Den Haag worden gedecentraliseerd en gemeenten er steeds meer uitvoering en verantwoordelijkheden bij krijgen. Daar moet dan ook een forsere maatschappij-kritische waakhond tegenover worden gezet als controlerende journalistieke entiteit van de bestuurlijke en uitvoerende macht. Juist op lokaal niveau.

Hiertoe heeft de NLPO het plan ingediend om de circa 260 lokale omroepen om te vormen tot circa tachtig sterke streekomroepen. Een plan dat positief ontvangen is door het Commissariaat Voor De Media en zelfs is opgenomen in het regeerakkoord van het nog verse kabinet. Streekvorming gaat dus vooral over een kwaliteitsimpuls voor de journalistiek op gemeentelijke schaal. Omdat ook de politiek roept journalistiek belangrijk te vinden.

Omroep Venlo heeft 2016 en 2017 afgesloten met zwarte cijfers. Wij vragen dan ook niet meer geld om de jaarexploitatie rond te krijgen, maar doen een beroep op de overheid om een erfenis uit het verleden op te ruimen. Dat is een stukje relevante duiding dat in het artikel ontbreekt. Redacteur Jos Bouten benoemt verder in het stuk dat er voor vrijwilligers een rol blijft bij de omroep en dat is helemaal correct. Vrijwilligers vormen een belangrijke pijler onder de lokale omroepen en bij een eventuele streekomroep zal dat niet anders zijn. Wel heb ik ernstige bedenkingen bij de voorgeschotelde getallen. Als ik u vertel dat Omroep Venlo een jaarbegroting kent van zo’n 850.000 euro (waarvan 250.000 euro subsidie), dan begrijpt u dat een streekomroep voor zes gemeenten meer zal gaan kosten dan de genoemde negen ton. Tenminste, als ‘we’ willen gaan voor kwaliteit.

Journalistiek is namelijk een vak, net zoals het maken van programma’s met de juiste relevantie en impact een vak is. Dat kun je niet enkel met vrijwilligers borgen; er is een basis aan professionals voor nodig die op hun beurt geoutilleerd moeten worden met de juiste apparatuur en software. Dat kost geld en iets meer dan het symbolische bedrag van 1,30 euro per huishouden. Álle gemeenten zullen dus ook financieel over de brug moeten komen. Anders heeft de uitspraak dat journalistiek van groot belang is in ons democratisch bestel dezelfde waarde als een activist die actie voert voor eerlijke voeding, maar iedere avond zelf een plofkip op z’n bord pleurt.

Evert Cuijpers

Directeur Omroep Venlo

Omroepblog 6

In de maanden juli en augustus is door een onafhankelijk onderzoeksbureau een kijk- en luisteronderzoek uitgevoerd. Het laatste onderzoek dateert van 2012 en toen deden 340 respondenten mee. Nu waren dat er 568, waarmee de representativiteit voor de hele populatie is geborgd en het onderzoek een betrouwbaarheidspercentage kent van 99%. Tot zover de theorie. Nu neem ik u graag in willekeurige volgorde mee in een ronde langs de velden van onze platforms.

Ten eerste televisie, het medium waarvan wordt gezegd dat het z’n hoogtijdagen heeft gehad. Vooral het lineair tv-kijken is op zijn retour. Als schuldigen worden YouTube, Uitzending Gemist en Netflix aangewezen. En Omroep Venlo dan? Nou, Omroep Venlo kan het volgende melden: een dagbereik van 49,7%, een weekbereik van 72,5% (48% in 2012) en een maandbereik van 84,1%. Slechts 6.8% van de respondenten geeft aan nooit naar het tv-kanaal van Omroep Venlo te kijken. Fantastische cijfers dus, zeker met het besef dat het jaarbereik in 2012 69% was. Van de kijkers gaf 87,1% aan naar het nieuws te kijken, 68,3% naar evenement-registraties (denk aan Venloop, Viva Classic Live, Parkploeg, VenloStormt en Opus Jocus) en met 55,6% staat Nedinscoplein op een enorm stevige derde plek. Maar ook blijkt dat ongeveer 30% van de kijkers specifiek op programma’s als UIt!, Met het oog op Venlo en VVV TV afstemt. In 2012 lag dat percentage programma-afhankelijk tussen de 20 en 26%.

De beeldkrant kent een maandbereik van 25,7% en een jaarbereik van 43,2% (versus 31% in 2012). Het dagbereik daalde hier van 12% in 2012 naar 10,3% nu. Beeldkrant-lezers geven aan vooral op zoek te zijn naar gemeentelijke informatie en nieuws over evenementen. Het betreft hier overwegend de wat oudere doelgroep.

We gaan verder naar de radio, die in 2012 een jaarbereik noteerde van 46%. Dat jaarbereik is gestegen naar 73,1%, al zitten daar respondenten bij die aangeven maar enkele malen per jaar naar ons radiokanaal te luisteren. Het maandbereik bedraagt 44,1% en dat geeft een veel realistischer beeld van de vaste groep luisteraars. De meeste mensen luisteren in de ochtend en middag naar Omroep Venlo radio en doen dat vooral thuis en in de auto. Het lokale nieuws op ieder uur en vooral de muzikale mix van hits van toen, nu en hier (dialectmuziek) zijn de voornaamste redenen om op Omroep Venlo af te stemmen. Van de doelgroepprogramma’s scoort VVV-Live het hoogst met 21,6%.

Even terug naar televisie en de vraag of jongeren dit medium nog wel gebruiken? Van de 18 t/m 25-jarigen geeft 11% aan naar Omroep Venlo Televisie te kijken. Een laag percentage dus als we kijken naar de zeer hoge kijkdichtheid onder inwoners van de gemeente Venlo. Is dat erg? Nee, dat is niet erg. Voor het waarom niet, neem ik u graag mee naar onze online cijfers. In 2016 waren er 3.501.935 bezoeken op de website en 1.461.635 maal werd onze app voor smartphones bezocht. Dit door zo’n 775.000 unieke bezoekers op 100.630 inwoners. Veel meer mensen dan Venlonaren die dus interesse hebben in de aangeboden content. Maar liefst 70% van de respondenten geeft aan Omroep Venlo met grote regelmaat via Facebook te volgen. Onder de jongeren van 18 t/m 25 jaar maar liefst 100% en 81% van de respondenten in de leeftijd van 25 t/m 34 jaar. Heel mooie cijfers dus die aantonen dat Omroep Venlo een relevant medium is voor alle leeftijden.

Op de vraag ‘Waar denk je aan bij Omroep Venlo?’ scoren de regionale betrokkenheid, promotor van evenementen, actueel, snel, professioneel en betrouwbaar het best. Als algemeen rapportcijfer werd Omroep Venlo beoordeeld met een 7,42. Een cijfer om mee thuis te komen.  We gaan nu vooral aan de slag met de tips die we mochten ontvangen en waarmee we ook echt iets kunnen. Afgelopen woensdag kreeg ondergetekende in Hilversum nog de opmerking dat eigenlijk iedere gemeente een eigen Omroep Venlo verdient. Dat is leuk om te horen, maar veel belangrijker is de vraag hoe belangrijk we worden gevonden door de inwoners van de gemeente Venlo. Het zijn de cijfers die daar nu een antwoord op hebben gegeven.

Omroepblog 5

Onlangs schreef ik een persoonlijke blog over nachtelijk gezang dat het luchtruim van een Franse camping vulde. Het gezang, eigenlijk was het een rap, was afkomstig van jongeren van verschillende nationaliteiten. De tekst ging over Trump en Kim Jong-un. De jongeren maakten zich zorgen om die twee. En er is meer om ons zorgen over te maken. Over wat er in Charlottesville plaatsvond bijvoorbeeld. Die zorgen vertaalden zich de afgelopen dagen in talloze tweets vol afschuw in mijn Twitter-timeline. Tweets over dat het goed fout gaat aan die andere kant van de Atlantische Oceaan.

De journalistieke thema’s bij Omroep Venlo gaan niet over de mondiale problematieken. Als publiek medium is het aan ons de taak om op lokaal niveau nieuws te brengen en maatschappijkritisch te voorzien van duiding. Over wat er gebeurt in de gemeente, in de stadsdelen, de wijken en op straatniveau. Daarnaast geven we met het verslaan van de talloze evenementen en cultuurexplosies in de gemeente uiting aan onze identiteit en die is mooi. Maar niet alles…

Deze week werd ik aangesproken, ik schatte haar een jaar of zeventien. Zij vertelde mij onze berichtgeving via Facebook te volgen en had de reacties gezien onder de berichten over de verdrinkingsdood van een Syrische jongen. Doodeng vond ze wat daar geschreven werd en ik moest denken aan de brandende toortsen in Charlottesville.

Omroep Venlo is en werkt onafhankelijk in haar journalistieke taken en dat is iets om te koesteren in een democratie. We belichten de maatschappij in de volle breedte en de reacties op berichten zijn daar een onderdeel van. Deze geven uiting aan gevoelens en ook die zijn belangrijk. De maatschappij die we samen vormen zou er echter wel bij gebaat zijn als er iets meer nuancering wordt betracht in de formulering van sommige reacties. Ook online hebben brandende toortsen een impact die niet moet worden onderschat.

Kijken

Tijd om te kijken. Kijken naar de mensen, naar wat ze doen, wat ze niet doen, met elkaar of alleen. Hun lichaamstaal, mimiek en gewoontes. Naast samen zijn met het eigen gezin is tijd hebben om te kijken een hoog goed op vakantie. Als ik dat opvallend doe, zie ik mensen een houding aannemen die matcht aan het ideaalbeeld van hoe ze graag willen overkomen, maar de onbewaakte ogenblikken waarin ze er niets van merken zijn het mooist. Op die momenten dat ze zichzelf zijn.

De gezamenlijke afwasplek op een camping is een parel om te kijken. Waar mannen door hun vrouw naar toe worden gedirigeerd en rood aanlopen omdat ze, voor de enkele aanwezige vrouw die toch zelf moest gaan, hun buik inhouden en een zo heroïsch mogelijke houding aannemen in hun gevecht met het door barbecue-sauzen besmeurde servies. Soms wordt er zelfs een woord gewisseld, maar veel verder dan dat het wel heel erg heet is, komt het niet. Of het moet het geklaag zijn over dat de jeugd zoveel op hun smartphone zit. Van de top twee staat dat op twee.

Maar de afwassers hebben niet gekeken en dus ook niet gezien dat het de volwassenen zelf zijn die aanzienlijk meer tijd hun geciviliseerde hoofden door een schermpje van enkel enkele vierkante centimeters steken en zich afkeren van het fysieke contact. Nee, dan de jeugd. Ik zag onze kinderen contact maken met de kinderen van anderen. Nationaliteiten door elkaar. Ze speelden, spraken met elkaar en sloten vriendschappen en ik vond het mooi toen ze mij vroegen een van die vriendschappen in een foto te vangen.

Gisteren zaten ze tot laat samen, de door ouderen zo bekritiseerde jongeren. Bij de wifi-plek inderdaad. Ze spraken er met elkaar, maar niet zoals bij de afwasplek over het weer. Toen de meeste volwassenen zich hadden teruggetrokken in hun tenten en caravans, waarschijnlijk om daar de digitale wereld in te duiken, ging het praten over in zingen. Het was een rap in het Frans. Mijn Frans is belabberd, maar ik meende eruit te halen dat het over Trump ging. Ik vroeg het aan een wat oudere Belgische jongen uit het animatieteam en ik bleek het goed gehoord te hebben. Ze hadden op het internet gelezen over de nucleaire spanningen tussen Trump en Kim Yong-un en maakten zich daar zorgen over. Daar zongen ze over. Nationaliteiten met elkaar.

Volwassenen zouden dus meer mogen kijken. Naar kinderen. Kijken naar hoe ze verbroederen en luisteren naar wat ze zingen.

Kaarsjes

Ik voelde voorzichtig aan de meest linkse deur en schrok enigszins toen deze met een krakend geluid open zwiepte en een Française mij verbaasd aankeek toen zij gehaast de kapel verliet. Gedurende de autorit ernaartoe hadden we de natuur kaler en robuuster zien worden. Ook de dorpjes waar we doorkwamen werden robuuster; mensen met verweerde gezichten liepen er wat troosteloos voorovergebogen en veel van de huizen die we zagen waren verpauperd en sommige zelfs leegstaand.

De kerk stond boven op een kale kalkrots. We gingen naar binnen en waren er alleen. Recht door het midden pronkte een Mariabeeld in een fraai uitgehouwen nis. Links en rechts boven haar was glas in lood en de nis zelf was aan de achterkant van boven open waardoor natuurlicht Maria een mooie diepte gaf. Aan weerszijden onder het beeld stond een gietijzeren constructie waar kaarsjes brandden. Tot voor kort stak ik ook meestal een kaarsje op als ik ergens in een kerk kwam. In de loop der jaren had ik in gedachten een lijstje gemaakt van mensen die ik mis en voor hen liet ik dan een kaarsje branden. Maar nu niet.

Het exacte moment is moeilijk aan te wijzen, maar ergens zijn we elkaar verloren, het geloof en ik. Missen doe ik het geeneens, al voelde het wel even vreemd om geen kaarsje op te steken. Mijn vrouw deed dat wel en ik vond dat mooi. Voor haar ouders. Zeker op vakantie denkt zij veel aan haar ouders van wie we veel te vroeg afscheid hebben moeten nemen. Datzelfde heb ik ook met pap. Er gaat vrijwel geen dag voorbij dat ik niet even aan hem denk, maar met vakanties is hij er met meer overtuiging bij.

Door het glas en lood boven Maria drongen mooie zonnestralen de ruimte binnen. Ik liet Daniëlle alleen met het ritueel en liep door naar de derde kapel. De aanwezigheid van de cenotaaf was moeilijk te ontkennen en ik moest bekennen dat het geloof toch ook veel mooie kunstschatten heeft achtergelaten. Daar liggend straalde de zandstenen vrouw rust uit, waarbij de ietwat mysterieuze lichtschakeringen in het vertrek haar ook iets krachtigs gaven. Met haar rechterhand hield ze een kruis vast en alles aan haar had iets echts. Even leek het wel alsof de lange haren die over haar schouders gedrapeerd lagen stilletjes bewogen door de bries die door het raam de kerk binnendrong. Ondanks de hitte voelde ik een rilling en keek om; ik was alleen met mijn gewaarwording.

Even later kwam Daniëlle mijn kant op en met ons vijven lieten we het bijzondere kerkje achter ons. Bij een naburig winkeltje kochten we snoepgoed voor de kinderen en op de terugweg moest ik aan pap denken die altijd met regelmaat korte bezoekjes bracht aan het Venlose Kapelletje van Genooy. Ik heb geen idee of hij daar ooit in een bankje heeft gebeden, ik vermoed van niet. Pap was een man van weinig woorden, die had hij ook niet nodig. Ik denk dan ook dat hij er kaarsjes opstak. Vooral voor zijn vader die hij veel te kort heeft gekend. Het is fijn dat er kapelletjes zijn.


Bosbranden

Hij was al jaren geleden vanuit Twente naar Nieuw Zeeland vertrokken, was er verliefd geworden en ze hadden samen koters gekregen. Twee en de oudste droeg met trots een paarse prinsessenjurk. Een vlucht kostte hem een dik maandsalaris en ook voor hun oudste dochter moesten ze nu betalen. Vaak kwamen ze dan ook niet meer in Europa, maar gisteren stonden we met hen in het Engels over bosbranden in Frankrijk te praten. Bij de waterpomp tussen hun gehuurde camper met Duits kenteken en onze caravan in. Over dat Duits kenteken was hem ook wat opgevallen; Nederlanders zoeken dan bewust geen contact met je.

Een plaatsje verderop staan Zwitsers. Zij maakten wel een praatje. Met de uit Twente afkomstige Nieuw Zeelander met Duits kenteken, maar ook met ons. Hij woont al dertig jaar in Zwitserland maar is van origine een Sjeng. Zijn Maastrichtse tongval is nog behoorlijk intact, net als zijn vader die ook op de camping staat en mij vertelde dat hij ooit in Venlo had gewoond. Recht tegenover de Keulse Ker. Hij had kunnen horen dat ik uit Venlo kwam en vond dat mooi. We hebben nog pannenkoeken gebakken voor de Zwitserse dochter. Ook dat werd mooi gevonden.

We staan tussen opzet-tentjes, caravans, grote familietenten, campers en heuse pipo-wagens. Allen zijn we omcirkeld door ik denk wel duizenden krekels die symfonisch het dagritme dicteren. Onze plaats grenst direct aan de steppe en daar woont een beest dat er hobby aan heeft om midden in de nacht met succes een autoalarm te imiteren. We vinden het echter goed.

Vanavond bij de afwas ging het weer over de bosbranden. Ik stond er met de Nieuw Zeelandse, een man uit de omgeving van Arnhem, nog een Nederlander en een man uit Gelsenkirchen. Een Fransman deed niet mee aan het gesprek. De vrouw uit Nieuw Zeeland is ooit op het nippertje ontsnapt aan de tentakels van zo'n woest brandend bos. Ze vertelde over zeer angstige momenten en dat er nu branden op slechts tientallen kilometers afstand woeden, maakt haar ongerust, ook al zijn ze onder controle.
Ik had het ook gehoord en geschrokken kwam de kleine meid die ik kende van de prinsessenjurk naar haar moeder gerend. Ze was erg geschrokken van een vrouw die zo-even tegen een kind tekeer was gegaan. Onberekenbare volwassenen zijn dan ook minstens zo beangstigend als bosbranden.

Sander Dekker en Simon Sinek

Bij het Instituut voor Beeld en Geluid zat ik afgelopen vrijdag met collega Bas Nollé voor een jury. Van de NLPO kregen we onlangs het label opgeplakt dat we, en we is Omroep Venlo, een van de beste lokale omroepen van Nederland zijn. Afgelopen vrijdag mochten we op de spreekwoordelijke zeepkist om voor o.a. Toine van Peperstraten en enkele NPO-bazen te betogen waarom wij de állerbeste zouden zijn.

Bas en ik hebben ons best gedaan het daar vooral niet over te hebben, over het de beste zijn. Net als dat we in een filmpje dat we moesten inzenden er bewust voor gekozen hebben om niét onze allermooiste beelden achter elkaar te monteren. In die film alsook in het gesprek van vrijdag hebben we enkel getracht aan te geven welke focus en drive we hebben. Die focus ligt op onafhankelijke kwaliteitsjournalistiek op gemeentelijke schaal en onze dagelijkse drive is daarmee relevant zijn en impact hebben.

We hadden het er dus vrijdag in Hilversum over en diezelfde ochtend las ik een interessant artikel. Dat de massa bepaalt wat de media doet; wát een zin. Is ‘ie waar? Ja en nee. Nee, omdat je altijd verantwoordelijk bent voor de keuzes die je zelf maakt. Dat ben je als individu, maar dus ook als organisatie. Dus niet de massa bepaalt, maar media doen dat zelf.

Maar toch ook een ja en die baart mij zorgen. De jacht van steeds meer media naar duimpjes is de jacht naar bereik, naar getallen om stakeholders mee te voederen. Stakeholders willen duizelingwekkende getallen, die zijn namelijk makkelijker te beoordelen dan de iets minder tastbare indicatoren als relevantie. Neem de constatering dat online bij landelijke en regioniale nieuwsaanbieders steeds meer de plaatsnamen uit de kopregel verdwijnen. Was het vroeger nog een ongeval met dodelijke afloop in Spaubeek; nu is het  een ongeval met dodelijke afloop. Dit is een duidelijke keuze voor bereik, waarbij relevantie het verliest.

Lokale omroepen hebben die relevantie eigenlijk altijd. Maar ook hebben we Sander Dekker. Na het lezen van dit stukje, vraag ik me serieus af of deze man enig idee heeft waar het in de journalistiek om gaat, hoe het medialandschap is georganiseerd, zich ontwikkelt en wat de mediawet daarover zegt. Net zoals wij het afgelopen vrijdag niet over onszelf wilden hebben, maar over de importantie van onafhankelijke journalistiek voor ons democratisch stelsel, zo zouden beleidsmakers zich ook eens meer in de Why-vraag mogen verdiepen. Ik heb nog wel iets van Simon Sinek liggen….

Omroepblog 4

Jeroen Wollaars, correspondent Duitsland voor de NOS, Nieuwsuur-presentatrice Mariëlle Tweebeeke, Merel Westrik van RTL Nieuws en oud-presentatrice Sacha de Boer, alle vier zaten ze afgelopen week bij Pauw aan tafel vanwege het zilveren jubileum van AT5 (Amstel Televisie 5). Mooie verhalen over hun eerste schreden op het journalistieke speelveld vulden de tafel. Vooral waren hun woorden doorspekt met liefde en dank jegens de lokale Amsterdamse televisiezender. Daar waren ze tegen muren aangelopen en hadden ze geleerd weer op te staan. Daar waren ze in het diepe gegooid en hadden ze leren drijven. Daar hadden ze het échte vak geleerd; de kneepjes, de valkuilen, de onmogelijkheden en de kunst de eerste twee letters van dat woord te elimineren.

Pauw eindigde dan ook met een warm betoog over het behoud en vooral het belang van lokale omroepen en journalistiek vanuit de haarvaten van de lokale maatschappij. Over de lokale omroep als kweekvijver voor de branche waar talenten de springplank vinden om provinciaal of landelijk te gaan. Voor de branche is dat belangrijk en Omroep Venlo is daar net als AT5 een goed voorbeeld van.

Wat Jeroen, Mariëlle, Merel en Sacha zeiden is waar: ambities zijn continu in strijd met financiën, vraag en aanbod matchen zelden. Bij een lokale omroep is deze wrijving een constante factor en naast de frustratie zo nu en dan ontstaat er juist ook veel moois; een schuurvlak waaruit innovatie ontspringt. Dat is belangrijk voor de hele sector. Net zoals het in een tijd dat iedere organisatie en ieder individu ‘zender’ meent te moeten spelen, belangrijk is dat er ook op lokaal niveau kwalitatief journalistieke duiding wordt gegeven.

Het ministerie van OCW en de VNG hebben met de planmakerij van de NLPO het belang van de lokale omroep onderstreept. Er ligt een transitieplan op tafel om tot organisaties te komen waarbij de kwaliteit van de output, de lokale identiteit daarvan, alsook de continuïteit van de bedrijfsvoering geborgd kunnen worden; van lokale omroepen naar streekomroepen. De kabinetsformatie is in volle gang en ik hoop dat de politiek betrokkenen ook naar de bewuste aflevering van Pauw gekeken hebben. Zeker ook op lokaal niveau is journalistiek een belangrijke drager onder de democratie zoals wij die kennen. Waarheidsvinding is immers niet iets waar commerciële organisaties zich mee bezig zouden moeten houden, daar is journalistiek voor. Of ze dat bij Google nu leuk vinden of niet.

102_tv regie 2-s