onderbroekenmarketing

Ik was in verwarring en vroeg het hem nog een keer, wat hij nu bedoelde met dat innoverend. Het antwoord was woordelijk hetzelfde: we blijven ook na de koop contact houden met onze klanten. Ik probeerde in de huid te kruipen van zo’n klant, probeerde me voor te stellen wat ik ervan zou vinden als de webshop waar ik zojuist nieuwe onderbroeken had gekocht vriendje met me wilde worden. Zou ik draagadvies krijgen, links of rechts, wastips wellicht? Of via Facebook luistertips voor Spotify. ‘Andere bruine onderbroeken dragende mannen luisteren naar Caro Emerald.’ (Overigens koop ik geen bruin én luister ik niet naar Emerald.) Dat was het niet. Wat dan wel? Gratis volgers op Instagram als je een foto van je nieuwe onderbroeken door een Earlybird-filter haalt en gevangen in een pittoresk frame via IG op Twitter zet? Ook niet. Nee, de onderbroeken kopers zouden een jaar na aankoop een reminder krijgen dat hun onderbroeken aan vervanging toe waren. Ik vroeg hem of de kwaliteit zo slecht was. Nee, nee, een onderbroek had de levensduur van een jaar. Oh? En wat als ik mijn onderbroeken nu eens een week lang zonder te wassen droeg, of als ik 31 onderbroeken in mijn privé-collectie bezat en ieder uniek exemplaar maar twaalf keer per jaar droeg? Dan was ik een buitenbeentje, maar ik zou wel de reminder krijgen. Via een WhatsApp-groep zo was voorzien, leuk om ervaringen met elkaar te delen. Leuk, hij zei het écht. Ik overwoog de mogelijkheden; met honderden in een onderbroekencommunity, honderden aan wie ik hun naam kon vragen om vervolgens uit te nodigen op LinkedIn. Alles in mij kwam in opstand en ik vroeg hem hoe hij individuele reminders via een groep dacht uit te sturen als de groepsleden allen op een andere datum hun onderbroeken kochten? Ook daar was over nagedacht, door bannercampagnes wisten ze namelijk dat de meeste mannen vlak voor vakanties hun onderbroeken kopen. Dan hadden ze immers de hoogste CTR-scores… Ik probeerde nog enigszins enthousiast te reageren en prompt rook hij een verkoopkans. Of ik niet… Nee hoor. Ik vertelde hem dat ik mijn kleding, ál mijn kleding, in echte winkels koop waar ze mij nog vriendelijk begroeten, waar mijn kinderen een spekkie uit de snoeppot mogen nemen, waar ze geen Caro Emerald draaien en dat als we klaar zijn met inkopen doen ergens op een terrasje gaan zitten waar ik in de toekomst hard ga lachen als ik hoor dat een man aan een nabij gelegen tafeltje een WhatsApp-bericht binnenkrijgt.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

w

Verbinden met %s