Corona [omroepblog]

Vele malen is aan mij de vraag gesteld wat ik vind van alle afgekondigde maatregelen. Het antwoord was, is en blijft dat wat ik vind er niet toe doet. Rustig blijven en adviezen opvolgen is het devies.

Zorg voor jezelf en vooral voor de ander. Sommige mensen hoor je zeggen dat we niet in de toekomst kunnen kijken. Een collega zei daar vanochtend terecht het volgende over: werp maar eens een blik op Bergamo en we zien onze toekomst over twee weken als we blijven doen wat we altijd deden.

Sommigen vinden dat ze nog altijd eigen keuzes mogen en kunnen maken. Dit in tegenstelling tot het coronavirus zelf; dat maakt geen keuzes, kijkt niet naar huidskleur, seksuele voorkeuren, geloofsovertuiging, politieke geaardheid, sociale gelaagdheid of afkomst. Corona heeft ook geen mening, in tegenstelling tot hoe wij ons doorgaans gedragen op bijvoorbeeld Facebook. Daar hebben we niet alleen een mening, maar voelen we ons ook geroepen om onze mening te verkondigen over andermans meningen of keuzes en vervolgens de meningen dáárover. Eigelijk een perfecte metafoor voor wat één besmet persoon teweeg kan brengen…

Gelukkig zie ik ook een nieuwe beweging op social media ontstaan. Berichten van waardering voor mensen die in vitale sectoren keihard voor ons knokken, steun voor mensen en organisaties die in financiële zin een harde beuk krijgen en initiatieven van mensen die hun hulp aanbieden aan wie dat heel hard nodig heeft. Omroep Venlo wil ook deze mooie kant van de bizarre tijd waarin we ons bevinden een gezicht geven en roept iedereen op hiervan filmpjes te sturen naar nieuws@omroepvenlo.nl.

In een stukje op het internet las ik een citaat van de Italiaanse premier Giuseppe Conte en daar sluit ik graag mee af: ‘Laten we vandaag op afstand blijven, om elkaar morgen nog sterker te omarmen.’

Evert Cuijpers
Directeur Omroep Venlo

Op straat

Op straat, tegen een boom en omringd door gevallen herfstbladeren op natgeregende straatstenen. Enkel voor de foto, want laat duidelijk zijn dat deze echte van Jack Poels een fraaie plek krijgt op de Bemmelstraat en over zon jaar op de omroepmeters in het Gasthoes. Omroep Horst aan de Maas is pas vier weken onderweg en het doet goed om aan het sterk stijgend aantal telefoontjes, persberichten en persoonlijke berichten te zien dat de nog verse nieuwsredactie al goed gevonden wordt.

 

Omroep Horst aan de Maas dus, of Omroep Reindonk 2.0 als u wilt. Nu is er voor een 2.0-versie natuurlijk een eerste nodig en daar ging het zondagmiddag over, toen tijdens het OP-festival in Horst door wethouder Han Geurts bekend werd gemaakt wie na Renée van Wegberg in 2018 nú de Cultuurprijs in ontvangst mocht nemen.

 

Zelf vind ik het enorm tof dat de jury gekozen heeft voor de omroep en vooral voor de 1.0-versie daarvan. Een enorme waardering voor al die vrijwilligers die in 22 jaar tijd een stevige fundering hebben neergelegd waar wij nu op verder mogen bouwen. Twee van die vele vrijwilligers hadden we met een smoes naar het Wilhelminaplein kunnen lokken en toen de omroepnaam uit de juryhoed kwam, zag ik hen stralen. Een stevig helpende hand in de rug was echter nodig om ze het podium op te krijgen waar ze mooie woorden en de prijs in ontvangst namen. 

 

Liever waren ze in de regen blijven staan, uit de spotlights, om in de schaduw van anderen de culturele evenementen en hun helden te registreren om zo de mensen thuis via radio en televisie mee te kunnen laten genieten. Op straat dus, dáár volgen ze hun passie, al 22 jaar lang. Op straat, daar waar het allemaal gebeurt. Met hittegolven, koudefronten en soms ook omringd door gevallen herfstbladeren op natgeregende straatstenen. 

 

Het zijn kanjers en ze hebben nu een dikverdiende trofee; de Cultuurprijs 2019!

 

Evert Cuijpers

Directeur Omroep Horst aan de Maas

Keepersfiliatie

Gisteren wonnen ze de beker in groep 1 van regio 3; FCV JO11-1 , het team waarin onze jongste onder de lat staat. Gisteren een week geleden werden ze al kampioen in de hoofdklasse en daarmee werd de dubbel een feit. Tijdens de bekerfinaledag die in Maasbree werd gespeeld, wonnen ze overigens niet alleen. Op het aanpalende veld veroverden hun makkers van de 12-1 eveneens het blinkend metaal en bij het laatste fluitsignaal wisten beide teams niet hoe snel ze bij elkaar moesten komen om dat samen te vieren. Het samen van FCV waar ik afgelopen week al een stukje over tikte.

In de luwte van het feestgedruis direct na de wedstrijd speelde zich op de Maasbreese velden iets moois af. Iets dat het competitieve van sport overstijgt. Een tafereel tussen twee jongens. Dezelfde leeftijd, dezelfde passie. Klasgenoten, maar spelend bij een andere club; de clubs die zojuist een ware bekerthriller op de mat hadden gelegd. Rivalen op het strijdtoneel maar wel allebei keeper en vooral dát, het keeper zijn, legde de connectie, meer dan het klasgenoot zijn. Omdat alleen keepers weten wat het is om keeper te zijn. Als een spits een kans mist, is dat jammer. Als een keeper de bal mist, telt dat meteen. Ook al begint het wellicht bij onnodig balverlies op het middenveld; het is toch de keeper die de bal uit het net mag vissen en de hoon in ontvangst mag nemen.

Gisteren ging het niet om wie het beste van het spel had, gisteren ging het om het winnen van de beker. En als er een winnaar is, is er ook een keeper die net iets vaker is gepasseerd dan zijn collega aan de overzijde, ook al hebben ze misschien wel allebei een wereldpartij gespeeld. In de luwte van het feestgedruis gebeurde er dus iets moois. De ene keeper lag op het veld, zoals je op het veld hóórt te liggen als de wereld alsnog voor even instort. De andere keeper ziet dit en zet het eigen juichen op de pauzestand. De juichende loopt niet meer juichend naar de treurende en zegt iets. Dan een hand, schouderklop, omhelzing en ook felicitaties voor een puike prestatie. Van de ene voor de ander. Rivaliteit verdreven door verwantschap. Die laatste is sterker. Keepers onder elkaar kunnen dat, begrijpen elkaar. Net zoals jullie vast begrijpen dat het met twee verse bekers in de vitrinekast afgelopen zaterdag nog lang onrustig bleef in ‘t Ven.

De tranen van ‘t Ven

Afgelopen zaterdag. Het was druk langs de witte lijnen van de voetbalweide. Ouders, familieleden, vrienden, verenigingsmensen en andere teams werden getrakteerd op een enorm spannende ontknoping in de hoofdklasse JO11-1. Het duurde tot drie minuten voor eindtijd dat een stormloop vol kansen uiteindelijk werd beloond met een doelpunt voor FCV. De laatste minuten intrigeerde vooral de discrepantie tussen de uitbundigheid om me heen en de combinatie van berusting en teleurstelling bij de supportersschare van de tegenstander. Het laatste fluitsignaal klonk en de vreugde uitte zich in het sterk oplopend aantal decibel, afkomstig uit de kelen van joelende ouders. Ik ontworstelde mij uit de schouderklopjes langs de kant en liep het veld in naar de elf kampioenen. Het veld rook al zoet van de kinderchampagne toen mijn telefoon met de videomodus op aan tussen de grassprieten werd gelegd en door het elftal omsingeld werd om hun yel voor het nageslacht vast te leggen. Pas toen voelde ik de betekenis van die yel. Waar door het trainerskorps maandenlang vakkundig aan is gesmeed. Deze elf hebben niemand nodig; ze hebben elkaar en niets anders telt. Wie van hen scoort is niet belangrijk, net zoals wie mist niet afgerekend wordt. Het samen vieren van succes en soms het samen verwerken van teleurstelling is wat hen samenbracht dit seizoen. Het samen FCV zijn, dát telt dit seizoen.

“Wae zien weej? FCV!”

Wat later die middag volgde was de huldiging. Een huldiging zoals die alleen maar op sportpark Arenborg kan plaatsvinden. Wel was het een uurtje wachten voor de 11-1 want hun kameraden van de 12-1 waren onderweg en zij hadden gebeld dit zeker niet te willen missen. Over clubgevoel gesproken. Een breed gremium aan FCV’ers vulde de kantine toen de klanken van Tsunami uit de luidsprekers denderden en de elf werden één voor één op unieke wijze door spreekstalmeester Bert door een erehaag het podium op gedirigeerd; Hidde, Milan, Jelle, Thijs, Tijn, Rens, Teun, Sam, Blendi, Tyrese en Cas. Ook daar op dat podium waar de spelers een voor een samenkwamen, kwam het pas echt los toen ze compleet waren. Het mooiste waren echter de tranen. De tranen van Tyrese en Sam. Geen tranen omdat ze geheel terecht door respectievelijk VVV-Venlo en Fortuna Sittard zijn ingelijfd, maar tranen omdat ze voelden hoe eenieder daar in die kantine hen dat enorm gunt en dat dát unieke FCV-gevoel een gemis gaat worden. Het gevoel van samen.

Samen leven ze ook naar aanstaande zaterdag toe. Naar de bekerfinale in Maasbree die een stadsderby is geworden. En ja, ze zullen voor de winst gaan, maar ongeacht de uitslag zijn de winnaars van seizoen 2018/2019 al bekend. Die zijn afgelopen zaterdag namelijk in ‘t Ven als kampioen gehuldigd. Samen. Met prachtige tranen.